IN GESPREK MET BART LICHTENBERG, GEBIEDSMANAGER BOSSEN EN PARKEN BIJ GEMEENTE ARNHEM

"IK BEN IEMAND DIE DIT EVENTJES MAG DOEN EN VERVOLGENS MOET IK HET ZO GOED MOGELIJK DOORGEVEN. HET PARK IS BELANGRIJKER DAN DIEGENE DIE HET BEHEERT. "

Tekst: Elyze Storms-Smeets. Foto’s: Erwin Zijlstra en Archief Gelders Genootschap.

Dit interview dateert uit 2011.

 

Bart Lichtenberg op landgoed Klarenbeek.

 

Binnen Gelders Arcadië is er geen enkele gemeente die zo veel voormalige landgoederen en buitenplaatsen in eigendom en beheer heeft als Arnhem. In 1886 is landgoed Klarenbeek door de gemeente Arnhem gekocht als eerste stadspark. Daarna volgden Sonsbeek (1899), Zypendaal (1930), Presikhaaf (1930), Angerenstein (1941), Gulden Bodem (1958), Kemperberg (1980) en Beaulieu (1985). Ondertussen hebben deze landgoederen en buitenplaatsen een grote openbare en maatschappelijke functie gekregen als stadspark en is het beheer daarop aangepast. In april 2010 is Sonsbeek uitgeroepen tot Beste Openbare Ruimte van Nederland.

 

In 2008 werd Arnhem door de jury van Entente Florale uitgeroepen tot de Groenste Stad van Nederland. In 2009 werd Arnhem tevens Groenste Stad van Europa. Dit hoogwaardige groene karakter dankt Arnhem in grote mate aan haar vele landgoederen en buitenplaatsen, waarvan vele in eigendom en beheer zijn bij de gemeente. Hoe stelt een gemeente zich op als landgoedeigenaar?

 

In 2004 presenteerde gemeente Arnhem een groenplan: “een samenhangende visie op de ontwikkeling, inrichting en beheer van het groen in en om de stad Arnhem, voor de korte (2004-2007) en de middellange termijn (2015).” Uitgangspunten hierbij zijn onder meer de landschappelijke en cultuurhistorische context, het versterken van groene kwaliteiten, het tegengaan van versnippering van groengebieden en wat groen is blijft groen. Het streven van de gemeente is uiteindelijk het behoud en de versterking van de herkenbaarheid van het Arnhemse landschap.

 

BEHEERVISIES

“Op basis van dit groenplan,” zo vertelt Bart Lichtenberg, “is vervolgens voor ieder gebied, zoals Sonsbeek - Zypendaal - Gulden Bodem, een beheervisie gemaakt waar wij mee werken. De makers van de visie zijn continue bezig met de vraag hoe je moet omgaan met zo’n monumentaal landgoed in een stad, met al dat gebruik dat er aan vast zit, met al die vernieuwingen die mensen graag willen. Want iedereen wil er wat mee. Dat ze door de jaren heen toch in staat zijn geweest om met zo’n visie op die manier het landgoed in stand te houden en die kwaliteit te houden; dat vind ik knap. Want het wordt heel makkelijk platgelopen in zo’n stad.” Naast de beheervisie voor het gebied Sonsbeek - Zypendaal - Gulden Bodem bestaat er een visie voor Klarenbeek, de Braamberg en ‘t Hazegrietje; voor Angerenstein; voor Presikhaaf; voor begraafpark Moscowa; en voor het uiterwaardengebied Meinerswijk. Momenteel is de gemeente bezig met een beheervisie voor het voormalige landgoed Westerveld in Arnhem-Zuid en zomer 2010 wordt begonnen met een visie voor het park Immerloo.

 

De afzonderlijke visies gaan in op de landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische karakteristieken van de landgoederen en de wijze waarop ze gebruikt worden. “Sonsbeek is bijna het centrum van Arnhem, is echt een stadspark, terwijl Zypendaal een rustig landgoed is waar mensen wandelen en waar wel eens een heel klein evenement plaatsvindt, maar voor de rest ook niet. Angerenstein is echt een wijkpark, waarbij de wijk ook heel erg betrokken is. Waar ook concerten plaatsvinden van mensen uit de wijk of het volleybaltoernooi van de school die er vlakbij ligt. En in Klarenbeek waan je je echt in een enorm groot landschap. Je bent in het buitengebied, maar toch heel dicht bij de stad. De intensiteit van Sonsbeek, die wil je absoluut niet op Klarenbeek. We hebben ook plekken aangewezen waar meer evenementen mogen plaatsvinden dan op andere plekken. Dat is ook een heel specifieke keuze, daar wel evenementen, daar niet. Dan heb je niet overal die drukte, want sommige mensen kiezen er juist voor om in de rust te wandelen.”

 

 

AANDACHT VOOR VERSCHILLENDE ASPECTEN

De huidige visies zijn met name gericht op het ruimtelijke beheer van het historische groen. Een wens van Bart Lichtenberg is dat er binnen de visies meer aandacht komt voor andere aspecten van groen, zoals educatie, gezondheid, sport en sociale cohesie. “Je kunt kijken hoe mooi Sonsbeek of Klarenbeek is, maar je kunt ook kijken hoe iedere Arnhemmer prettig in het groen kan komen. Dan benader je het meer vanuit de bewoners. We zijn heel sterk bezig geweest met die visies op de parken, maar je moet het vanuit de bewoners benaderen. Hoe zorg je dat ze prettig kunnen wandelen? Hoe kunnen we er voor zorgen dat zo’n park nog meer een plek wordt waar mensen samenkomen?” Zo wordt er momenteel gekeken naar de inpassing van een trimbaan in park Presikhaaf, dat in 2003-2004 gerenoveerd is.

 

REKENING HOUDEN MET BURGERS

Het feit dat alle landgoederen in eigendom van gemeente Arnhem thans de functie van openbaar park hebben, betekent dat de gemeente - in grotere mate dan andere landgoedeigenaren - rekening dient te houden met burgers. De gemeente gaat hier op enkele manieren mee om. “We maken het zoveel mogelijk kenbaar. Eigenlijk, als je al nadenkt over het weghalen van een rand bomen of wat dan ook, dan moet je het er al over hebben met burgers. Ik moet het echt samen doen met die burgers, anders werkt het niet.” Dit vertaalt zich verder in burgerparticipatie. Voor elk park bestaat een schouwgroep, klankbordgroep of parkcommissie, die de gemeente adviseert over nieuwe plannen. Zo verkent de gemeente samen met de schouwgroep Sonsbeek de mogelijkheid en consequenties van het verbreden van de Sonsbeekweg om deze weg veiliger te maken. “Het betekent dat er een stukje van het park af gaat. Kan dat wel? Willen we dat wel op die plek? Maar het biedt ook kansen. Juist omdat er een stukje van het park afgaat, heb je de kans om de doorgang van de Jansbeek onder de weg door weer duidelijk zichtbaar te maken en aan die kant van het park ook weer een bruggenhoofd te maken. En dat hebben we gevraagd aan de schouwgroep, hoe doen we dat dan?”

 

SAMENSPEL

Het blijkt een continue afweging tussen behoud en ontwikkeling. Daarbij is het belangrijk die afweging niet alleen te maken, vindt Lichtenberg. “Het is echt een samenspel. Ik ben heel blij met de plannen en visies die we hebben. Die maken dat de kennis vergroot wordt. Maar, uiteindelijk zit het ‘m in de mensen. De kwaliteit van de mensen en de organisatie die is neergezet, is bepalend. Hoe willen we er met zijn allen mee omgaan? Je kunt het gewoon niet alleen.”